eReaders 10 jaar – een terugblik
Tien jaar geleden toonde IBM tijdens een technologiebriefing voor het eerst een model van een eReader die de papieren krant zou moeten gaan vervangen. De basis van toen, het elektronische papier van E Ink, wordt ook vandaag nog gebruikt. Tijd voor een terugblik – vooral ter lering en ook een beetje ter vermaak.
Omdat het zo slecht gaat met de papieren krant heeft iedereen het over eReaders. Iedereen? Nou, vooral techneuten en journalisten. De consument is er nog niet zo heel erg in geïnteresseerd. Het blijft vooral een gadget dat geplaagd wordt door een gebrek aan technologische ontwikkeling.
Het is nu tien jaar geleden dat IBM tijdens een technologiebriefing voor analisten een eReader toonde. De Electronic Publishing Nieuwsbrief, de gedrukte voorloper van Newwws.net, besteedde als een van de eerste Nederlandse publicaties aandacht aan het fenomeen. De foto’s bij dit artikel zijn dan ook afkomstig uit het archief van de Electronic Publishing Nieuwsbrief.
E Ink
De meeste eReaders gebruiken tegenwoordig elektronisch papier van E Ink. De basis van de technologie die E Ink gebruikt, werd al in de zeventiger jaren bedacht door onderzoekers van het Xerox Palo Alto Research Center (PARC). Microsocopisch kleine balletjes die aan de ene kant wit en aan de andere kant zwart zijn, kunnen met behulp van elektrische lading worden gericht, zodat de witte of de zwarte kant boven ligt. Bij het MIT werkte Joseph Jacobson met een aantal studenten dat idee verder uit. In plaats van moeilijk te produceren balletjes met twee kleuren, werden kleine met olie gevulde microcapsules gebruikt die in plastic gegoten tussen transparante elektrodes werden geplaatst. In de met zwarte inkt gekleurde olie zweefden deeltjes wit pigment die met behulp van een elektrische lading naar de bovenkant of de onderkant van de bolletjes konden worden verplaatst. Ook nu nog gebruikt E Ink deze technologie.
E Ink werd in 1997 opgericht door Jacobson en een aantal studenten. Onder andere Motorola en Hearst Publishing investeerden 55 miljoen dollar in het bedrijf. Het zou nog twee jaar duren voordat de eerste prototypes konden worden getoond.
IBM
Onderstaande foto is begin 1999 door IBM verspreid tijdens een technologiebriefing voor analisten. IBM dacht dat het nog twee jaar zou duren voordat een dergelijk product op de markt zou komen.

Maar dat was niet de enige voorspelling die niet zou uitkomen. Want IBM dacht ook dat de reader 16 pagina’s zou hebben en een ingebouwde harde schijf van 2 GB.
Lucent
Dat de eReader van IBM nooit op de markt is gebracht, komt wellicht door de samenwerking die E Ink aanging met Lucent. Die samenwerking was noodzakelijk omdat Bell Labs, het onderzoekcentrum van Lucent, over de technologie beschikte om de doorzichtige transistors te maken die nodig zijn om het elektronische papier aan te sturen.

Hoewel het op 20 november 2000 getoonde prototype een veel te lage resolutie had om een fatsoenlijke eReader te kunnen maken, waren er al wel een paar bedrijven die eReaders produceerden. De ontwikkeling van eBooks was dankzij HTML en de opkomst van PDF al in volle gang.
Seybold Seminar Boston 2000
In februari 2000 vond in Boston het Seybold Seminar plaats. Seybold was toentertijd de belangrijkste plaats voor de grafimedia-industrie om nieuwe producten en technologieën te introduceren. E-books en eReaders waren ‘hot’ en kregen daarom volop aandacht. De reden van die aandacht waren niet de eReaders zelf, want die waren toen al bijna een jaar te koop. De belangstelling vanuit de grafimedia-industrie ontstond pas toen op 9 november 1999 NuvoMedia en SoftBook Press de draft-versie publiceerden van de ‘Open eBook (OEB) File Format’-specificatie.
Wat anno 2009 opvalt is dat de vormgeving van de eReaders nu nog net zo slecht is als toen.
Net zoals de nooit geproduceerde eReader van IBM een papieren krant probeerde te imiteren, zo probeerde de Everybook eReader het papieren boek te imiteren: leverbaar met een leren omslag, twee full-color pagina’s naast elkaar en een indrukwekkende resolutie van 1280 x 1024 pixels per pagina. Hoewel de Everybook tijdens het Seybold Seminar nog steeds niet leverbaar was, stamde het ontwerp al uit 1998. Het ding was zwaar en duur (2000 dollar). De kans dat het gewicht de mobiliteit beperkte was gering, want door de twee beeldschermen was een netvoeding noodzakelijk. De Everybook maakte gebruik van Windows 98, maar er werd gewerkt aan een Linux-uitvoering. Het apparaat is nooit een succes geworden.

Twee andere apparaten hadden meer succes. Maar dat kwam ook doordat de makers zich hadden ingezet voor een standaard waardoor snel meer content beschikbaar kwam voor de eReaders.
Het Rocket E-book van Nuvomedia lijkt uiterlijk nog het meest op de eReaders van 2009. Maar ook verder is de gelijkenis frappant: alleen zwart/wit, resolutie 480 x 320 pixels, intern geheugen voor 10 boeken en een prijs van slechts 199 euro. Het LCD-schermpje beperkte de duur van het leesplezier, maar met een volle acculading kon toch nog acht uur worden gelezen. Ook de Rocket was al in 1998 ontworpen, maar anders dan Everybook kon Nuvomedia begin 2000 volop leveren. Bij nieuwere versies van de Rocket werd het geheugen uitgebreid naar 55.000 pagina’s en kon met een grotere accu tot 40 uur achter elkaar worden gelezen. Uiteindelijk zijn voor de Rocket ongeveer 3000 titels uitgebracht.

Nuvomedia verkocht ook een eReader van Softbook Press. Dit apparaat was groter, ongeveer acht bij zes inch, en kon grijstinten weergeven, maar het grootste pluspunt was dat het bedrijf achter de Softbook Reader grote uitgevers had overgehaald content beschikbaar te stellen. Behalve de magazines Time en Newsweek waren tientallen bestseller boeken voor deze eReader beschikbaar. De geheugencapaciteit van 85.000 pagina’s was was voor die tijd fantastisch, maar de accu hield het maar vijf uur vol. De Softbook Reader was vooral bedoeld voor tijdschriften. Die konden met het ingebouwde modem worden gedownload. Vanwege deze specialisatie waren er minder boeken beschikbaar dan voor de Rocket; in 2003 waren ongeveer 1700 titels beschikbaar.

Nuvomedia en Softbook zijn in maart 2001 verkocht aan de Gemstar International Group. Gemstar was oorspronkelijk de uitgever van een interactieve tv-gids. In 2003 werd besloten dat de markt toch nog niet rijp was voor eReaders en stopte Gemstar met de verkoop van de eReaders. De servers die nodig waren voor het digital rights management systeem bleven tot 2006 werken.
Doorbraak in 2010?
eReaders zijn tegenwoordig een stuk beter geworden. De beeldschermen van E Ink zijn scherper geworden en het beeld wordt sneller opgebouwd dan bij de eerste generatie elektronisch papier. De batterij gaat langer mee en binnenkort komen er eindelijk eReaders met een groter paginaformaat op de markt. Het lijkt dus de goede richting op te gaan.
Een groeiende groep lezers heeft de eReader ontdekt voor het lezen van boeken en zelfs de bibliotheken experimenteren met digitale boeken. Maar in vergelijking met gedrukte boeken zijn eBoeken nog een niche.
De doorbraak komt eraan, alleen durft niemand nog te zeggen wanneer precies.
Links:
Geen gerelateerde berichten.








